het beste voor je kind

Als je alleen maar het beste voor je kind wil

We willen allemaal het beste voor onze zorgintensieve kinderen. Maar in mijn zoektocht naar ‘het beste voor Daniël’ heb ik ondertussen te vaak mijn neus gestoten tegen dichte deuren of onverwachte hindernissen. Omdat we ‘nee, zo doen we dat hier niet’ of: ‘uw kind past hier niet’ te horen kregen. En vaak niet de erkenning: ‘wij weten het beter, gelooft u ons nou maar’. Of erger: ‘Dat is helemaal niet nodig voor hem’. En die ervaring heeft me voorzichtig gemaakt. Soms te voorzichtig, merkte ik laatst weer.

Tijdens het allerlaatste groot overleg op de basisschool, aan het einde van groep 8, bespraken we de toekomst van Daniël: wat zou hij kunnen worden als hij groot is? ‘Achter de receptie, bij een hotel of zo, waar hij gastheer kan spelen en veel mensen ontmoet’, zei z’n ambulant begeleider. ‘Zoiets, of in een restaurant’, beaamde zijn juf. ‘Maar eerst komt hij natuurlijk bij ons hier op school stage lopen, toch?’ voegde ze er meteen aan toe. 

Ook de twee directrices benadrukten, toen ik afscheid kwam nemen, de uitnodiging dat Daniël altijd welkom was om stage te komen lopen op school, bijvoorbeeld bij de conciërge.
Met Simeon, onze jongste, nog op school hield ik het contact makkelijk warm. En samen met andere oud-leerlingen kwam Daan gezellig terug om te helpen bij het schoolfeest. Maar toen nam ook Simeon afscheid om naar de brugklas te gaan en moest ik accepteren dat de banden met de school verbroken werden. 

Het beste voor je kind

Nu Daniël niet meer op het VSO zit, maar onderwijs krijgt via ons eigen initiatief, moeten we ook zelf zijn stages regelen. En daar moeten we een netwerk voor opbouwen.
Natuurlijk dacht ik meteen aan Daan z’n oude basisschool. Maar daar zit ondertussen een nieuwe directice, die mij en Daniël niet kent. Mede door corona vulde ik alvast voor haar in ze in deze tijd vast wel wat anders aan haar hoofd had, dan een oud-leerling die ze niet eens kent. En die ook nog ’ns extra aandacht nodig heeft.

Maar toch, het zou wel echt heel leuk zijn als hij terug kon om de conciërge te helpen. Dus opende ik bezwaard en met lood in mijn schoenen mijn mail-app en zocht ik het mailadres op van de nieuwe directrice.
Ik begon drie keer opnieuw en schreef zinnen als ‘Ik heb al langer op mijn lijstje staan om contact te zoeken’, ‘We zouden een gesprek zeer op prijs stellen’ en ‘als jullie open staan voor een gesprek, zou Daniël zijn nieuwe leerkracht ook graag meekomen’. Heel voorzichtig inderdaad. Aarzelend liet ik het pijltje op mijn scherm boven de knop ‘verzenden’ hangen. Ik hield dat allerlaatste groot overleg voor ogen, met al die enthousiaste ideeën en drukte op de knop.

Vertrouwen

Met de verontschuldigingen dat mijn email net te lang was blijven liggen, kreeg ik vlak voor de zomervakantie een reactie: ‘Zullen we in de eerste week van het nieuwe schooljaar afspreken om het hoe en wat te bespreken?’

En dus fietst Daniël nu iedere dinsdagochtend de vertrouwde route naar zijn oude school. Om daar samen met de conciërge koffie rond te brengen, de post te sorteren, boodschappen te doen. En natuurlijk even te kletsen met zijn vroegere juf.

En ik? Ik krijg er weer vertrouwen in dat er ook mensen zijn die op dezelfde manier als ik ‘het beste’ voor Daniël willen.

Het was vooral de dichte deur naar het reguliere VO -en de manier waarop ie dichtgegooid werd- die bij Silvie hard aan kwam. Lees mee in haar e-book over het onderwijs.