aandacht voor de brus

Als er weer eens geen aandacht voor de brus is

We gingen nog een weekje varen in Friesland. Koud ja, maar wel heerlijk rustig op het water. Bruggen die speciaal voor ons draaiden en sluizen die hun deuren al uitnodigend hadden open gezet, het ging allemaal heel soepel. De weinige zeilers die we tegenkwamen, wilden uiteraard graag een praatje maken. En zoals altijd, verliepen die gesprekjes volgens een vast stramien.

Julian had zijn eerste universitaire toetsweek en moest studeren, we waren met z’n vieren. Dus ook aan boord van ons grote huurjacht hadden we de ruimte, net als op het water. Simeon en Daniël sliepen gezellig samen in één kooi en met de verwarming aan, speelden we elke avond Yahtzee. We hadden aandacht voor Daan een aandacht voor brus Simeon.

Na een mooie tocht over het IJsselmeer van Makkum naar Lemmer, durfden we het aan om rond 5 uur ’s middags door de sluis te gaan om in het dorp zelf een ligplek te zoeken. In een normaal seizoen, hoef je dat ook in de herfstvakantie niet te proberen omdat het dan stampvol ligt. Maar nu was het uitgestorven. We legden aan pal voor de pizzeria. En genoten die avond van dampend hete afhaalpizza’s. 

Uit Makkum

De volgende morgen liep er een wat ouder echtpaar langs de kade. We waren bezig om ons klaar te maken voor vertrek en waren alle vier in de kajuit. Daniël zat voorover gebogen om zijn veters te strikken.
‘Goh, uit Makkum,’ riep de man van het stel, ‘daar komen wij ook vandaan.’ Hij wees op de achterkant van onze boot, waar inderdaad Makkum stond.
‘Het is een huurboot,’ antwoordde ik, ‘we komen zelf niet uit Makkum.’
Mijn reactie was voor hen een uitnodiging om dichterbij te komen en te vertellen dat ze terugkwamen van een tocht over de Oostzee. We wisselden ervaringen uit, we hebben zelf ook in Denemarken gezeild. Tot Daniël zijn schoenen vast had en zich oprichtte, achter Harro zijn rug vandaan.

Aandacht voor de brus

‘Hé hallo!’ reageerde de man onmiddellijk en deed nog een stapje dichterbij. ‘Vind jij zeilen ook leuk?’
Daan knikte en vertelde dat we langs zijn zeilschool zouden komen, later op de dag. ‘En van Simeon’, voegde hij er aan toe en wees naar zijn broer. Alleen hielp dat natuurlijk niet.
‘O, dus je kan ook zeilen, wat goed’, lachte de man en ook zijn vrouw begon naar Daniël te lachen en stak haar duim op: ‘Veel plezier dan vandaag. Je ziet er stoer uit in je zeilbroek.’
Zich van geen kwaad bewust, zwaaide Daniël naar het echtpaar toen ze weg liepen en zei: ‘Dat is aardig, mama.’

‘Sorry Simeon’, zei ik, toen we de lijnen losgooiden. ‘Daan doet het niet express. Mensen kijken nu eenmaal naar hem en reageren op hem. En niet op jou.’
‘Ja, ik weet het, het geeft niet. Ik had al bedacht dat het zo zou gaan. Want zo gaan dit soort gesprekjes met onbekenden altijd.’

Nieuwsgierig naar andere verhalen van Silvie? Je vindt ze in ons boek ‘Wat Niemand Weet’. Lees je mee?